Als een Moederberg: aantekeningen van een Art-Based Learning sessie
Datum
07-02-2025
Auteur
Shailoh Phillips

Pietà (deels beschadigd tijdens Beeldenstorm), 1566-1600, collectie Amsterdam Museum
In september 2023 komt onze projectgroep bijeen in het Amsterdam Museum in de Hermitage, binnen de tentoonstelling Panorama Amsterdam, om een Art-Based Learning sessie eens zelf mee te maken. We worden verwelkomd door een van de meest ervaren begeleiders in het veld, Famke Sinninghe Damsté. Hoewel er een handleiding voor de methode bestaat, weten we dat we het zelf moeten ervaren om de diepgang ervan echt te doorvoelen.
Elke sessie over Art-Based Learning leren is gestructureerd volgens het raamwerk van vier stappen, die ik zal gebruiken om je mee te nemen op een reis door mijn persoonlijke ervaring op basis van mijn aantekeningen en herinneringen aan de sessie.
Een kanttekening vooraf. Het vinden van woorden was geen gemakkelijke opgave, omdat mijn ervaring vooral bestond uit beelden en belichaamde ervaringen (wederom: deze methode leer je echt het beste kennen door het te doen). Misschien juist vanwege de vrije associatieve dialoog met kunst, is er een mogelijkheid dat wat de socioloog Hartmut Rosa 'resonantie' noemt, optreedt, als het vermogen om zinvolle interactie met de wereld te ervaren. Resonantierelaties zijn inherent wederkerig en ontstaan door ontmoetingen met die wereld. In haar bespreking van Hartmut Rosa's resonantietheorie beschrijft Rita Felski dit als "een proces van afstemming dat iemands wezen in de wereld vormt en informeert en dat lichamelijke, emotionele en cognitieve dimensies bezit: die momenten waarop iets knettert of weerkaatst of tot leven komt" (mijn vertaling).
Ik was nieuwsgierig: zou ik een soort resonantie ervaren in deze begeleide ABL-sessie? En zo ja, hoe voelt dat dan?
Stap 1: Stel een persoonlijke vraag en laat een object jou kiezen
Mijn vraag groeit zichtbaar uit mijn buik. Ik ben op dit moment vier maanden zwanger en de wereld die ik ken, is radicaal binnenstebuiten gekeerd. Alles voelt anders. Mijn werk, dat draait om palliatieve zorg, had me dicht bij het einde van het leven gebracht, waarbij ik mensen ondersteunde die de realiteit van ongeneeslijke kanker onder ogen moesten zien. Nu sta ik aan de overkant, met de eerste tekenen van nieuw leven in mij.
Het contrast is duizelingwekkend. Het zet me aan het denken over overgangen: die tussenfasen waarin een deel van het leven eindigt en een ander begint. Ik ben altijd gefascineerd geweest door drempels, tussenruimtes en overgangsrituelen.
Mijn huidige onderzoek in palliatieve zorg is niet alleen professioneel; het is persoonlijk. Het is ontstaan door het verlies van mijn geliefde Esther toen ik begin twintig was. Haar worsteling met kanker en uiteindelijk de laatste fase van haar leven meemaken, werd mijn inwijding in 'het einde', wat ook een nieuw begin is. Mede hierdoor ben ik hier nu überhaupt mee bezig.
Ik ben al op veel manieren aan het moederen. Ik ben stiefmoeder, peettante en tante geweest van negen kinderen, en vorig jaar was ik aanwezig bij de geboorte van mijn petekind: een diep ontroerende ervaring die op dat moment voelde als het dichtst dat ik ooit bij biologisch moederschap zou komen. Ik dacht dat ik het moederschap van buitenaf begreep, maar zwangerschap doet me afvragen: wie ben ik als moeder in deze vorm? En ook... zal de zwangerschap wel voldragen kunnen worden? Zal ik een gezonde baby op de wereld kunnen zetten? Ik weet het allemaal niet zo zeker. Het leven voelt niet langer als een rechte lijn; er is zoveel buiten mijn controle. Ik betrap mezelf erop dat ik een spiraalvormige lus bewandel, waar het verleden fluistert in de toekomst.
Ik laat mijn vraag naar de achtergrond verdwijnen, dwaal door de galerie en zie alle foto's, hedendaagse en klassieke schilderijen en sculpturen langsglijden. In eerste instantie spreekt niets me echt aan, totdat ik haar zie: Moeder Maria, de Pietà. Haar ogen zijn hol, beschadigd door de Beeldenstorm, de iconoclastische woede van de 16e eeuw waarin massa's calvinistische protestantse menigten katholieke kunst in kerken en openbare plaatsen verwoestten. Ik draai me bijna om. Op het eerste gezicht lijkt het gewicht van verdriet te zwaar om te verdragen in mijn huidige staat, en ik heb sowieso de neiging om met een grote boog om religieuze beelden heen te lopen. En toch was er iets aan haar blinde ogen en versteende aanwezigheid dat me dichterbij trok. Wie is zij nou? Wat kan zij mij vertellen?
Stap 2: Laat het kunstwerk tot je spreken

De uitnodiging is om echt goed te kijken naar het werk. Om het als een ‘teaching object’ te zien. De kleuren, patronen, composities. De compositie als geheel én alle details. Het eerste wat me opvalt is de schade. De onvolledigheid van het beeld: ontbrekende armen, een gebroken lichaam, uitgehouwen ogen. En toch blijft het geheel, zelfs in fragmenten, herkenbaar: Moeder Maria die rouwt om het lichaam van Christus na zijn kruisiging. Een moeder met haar dode zoon op schoot. Ik probeer zowel mijn ongeboren kind als mijn kunsthistorische kennis even te vergeten en gewoon te kijken wat ik hier voor me zie.
Haar zware sluier hangt over een volumineus gewaad met diepe plooien. Ondanks alle erosie, is haar hoofddoek voorzien van een smalle decoratieve zoom. De stenen plooien zo soepel uitgesneden dat ik bijna vergeet dat ze geen stof zijn, maar koude steen. Tranen welden op in mijn ogen; ik ben niet van steen, en haar houding van verdriet raakte me ergens diep.
Haar gezicht, hoewel beschadigd, brengt nog steeds diep verdriet en medeleven over. De erosie en ontbrekende elementen voegen een ruwe, bijna spookachtige kwaliteit toe. De donkere, verweerde steen - waarschijnlijk kalksteen of een ander zacht sedimentair materiaal - was versleten, het oppervlak ruw en oneffen.
Slechts een stukje van Christus' lichaam was overgebleven, zijn hoofd ligt prominent op de voorgrond. Zijn volkomen ongeschonden tanden, bevroren in een griezelige grijns. Zijn dunne, slappe lichaam, vastgehouden in haar gefragmenteerde omhelzing. Zijn holle ogen, met kracht uitgehouwen. Ontbrekende delen.
Stap 3: Mogelijke werelden verkennen
Meteen als ik mijn verbeelding aanzwengel en de wereld van dit werk betreed, neemt ze me helemaal mee terug naar de berg waar de steen ooit vandaan kwam. Terug naar afkoelende lava en verschuivende tektonische platen.
Ik voel de onbeweeglijke stilte van miljoenen jaren.
Fluisterende bergen. Deze steen herinnert zich alles. Scherpe punten die in haar hakken met harde beitels, forceren in een figuur, een vorm - het beeld van een moeder. Hoe een moeder eruit moet zien.
"Ik ben een idool", zegt ze.
Misschien hebben iconoclasten haar niet vernietigd; ze hebben haar bevrijd uit deze figuurlijke val. Ze zagen haar voor wat ze was: steen. Stilte.
Trek het gezicht weg en zie de rots.
Geen beeld van wat ze zou moeten zijn.
Gezichtloos, met duizend gezichten.
De representatie brokkelt af, de idolen verbrijzeld.
Hij is opgestaan.
Zij is gezonken - omlaag, omlaag, omlaag, terug in de aarde.
Ze heeft duisternis gezien.
Ze kust wormen en microben.
Ze is de ondode, die leeft onder onze steden, onder het dunne laagje van de moderniteit.
De moeder is de aarde.
Je kunt haar pijn doen, veranderen, maar je kunt haar niet vernietigen.
Ik ben de steen—de rest van mij is ergens in de berg. Gevormd door de druk van deze korst.
Ik ben altijd bij je. Zie hier mijn ware gezicht.
Stap 4: Vertel je eigen verhaal
Ik ben verrast dat de zwaarte van het beeld waar ik aanvankelijk weerstand tegen had geboden, me niet naar een plek van verlies leidt, maar naar een diepere verbinding met de steen zelf—en met de oertijd. Ik voel de lagen van onzekerheid, de wat-als-scenario's van de zwangerschap. Alle kinderen in mij, die schreeuwden om gehoord te worden. Alle moeders van de moeders van mijn moeders, die zich uitstrekken in een ononderbroken lijn. Ik voel het zaad van de dood, een harde pit van de sterfelijkheid, waarmee ieder van ons geboren wordt. De kwetsbaarheid van het leven en onze onwetendheid over de duur ervan.
Ik vond geen direct antwoord op mijn vraag, over wat voor moeder ik ga worden. Maar er kwam iets anders naar boven: overgave, stilte en mededogen voor alle schoonheid en geweld die me tot dit moment brachten. Een verbinding met de drie tijden van verleden, heden en toekomst. Misschien is dit hoe resonantie voelt? Een versnelling van mijn hartslag, voel ik. Een opening van de verbeelding, een gevoel van ontzag en geborgenheid dat ook lagen van verdriet bevat. Bewustzijn van de mogelijkheid van de dood die in het leven besloten ligt. En toch openblijven.
Ik herinner me plotseling de woorden van de dichter Rilke:
Hoe zeker de wet van de zwaartekracht,
sterk als een zeestroom,
grijpt zelfs het sterkste ding vast
en trekt het naar het hart van de wereld.
Elk ding - elke steen, bloem, kind -
wordt op zijn plaats gehouden.
Alleen wij, in onze grootheidswaanzin,
gaan voorbij waar we bij horen
voor wat lege vrijheid.
Als we ons
overgaven aan het weten van de aarde
zouden we geworteld kunnen herrijzen, als bomen.
(mijn vertaling)
Misschien is dat ook onderdeel van het moederschap – het grote onbekende verdragen. Leren om door onzekerheid heen te lopen. Het leven zich laten ontvouwen, moment voor moment. En erop vertrouwen dat dezelfde tederheid en eerbied die ik met anderen heb gekoesterd, zijn weg ook zal vinden naar dit nieuwe leven... en naar mezelf, terwijl ik deze rol op me neem. Ik zie een moederschap geworteld in bergen, in bomen, in moeder aarde. Een onzichtbaar gelaat achter elke façade.
Als ik uit de trance van deze ontmoeting stap en weer terugga naar het delen met de groep deelnemers aan Art-Based Learning, weet ik niet wat ik moet zeggen om de diepte en breedte van de ervaring op dat moment over te brengen. Er beweegt iets in me. Niet alleen het ongeboren kind, maar ook een diep gevoel van weten rijst op uit de klinkende stilte van steen. Dat terwijl de wereld wordt gemaakt, hermaakt, vernietigd en verloren gaat door generaties van menselijke handen. In die lijn staan wij. Dit beeld deed me wederom denken aan hoe Rainer Maria Rilke spreekt over de wet van de zwaartekracht.
Dit is wat de dingen ons leren:
vallen,
geduldig vertrouwen op onze zwaarte.
Zelfs een vogel moet dat doen
voordat hij kan vliegen.
Naschrift
Op 4 april 2024, twee weken na de uitgerekende datum, hebben we een onverwachte confrontatie met de fragiele grens tussen leven en dood. Tijdens de laatste fase van de bevalling stopt het hartje van de baby. In een splitseconde kiezen wij voor een spoedkeizersnede en voor ik het weet ben ik opengesneden. Daar is zij, eindelijk. Onze dochter. Tegen alle verwachtingen in verwelkomden wij een volkomen gezond kind op de wereld. Moederschap, zo leer ik, is een voortdurende les in overgave, aan zowel aan de zwaarte als de genade.